Het gezin, ouders en kinderen

Oud worden in de desa (jan. 2017)

Kinderen zijn op Java (en op veel plaatsen in de wereld) de oudedagsvoorziening. Van overheidswege zijn er geen voorzieningen voor ouderen.

In Nederland is er een ouderen-problematiek; een zeer grote groep ouderen is eenzaaam en alleen. Er worden allerlei initiatieven ondernomen om iets te doen tegen die eenzaamheid en het alleen zijn, zoals woongroepen voor ouderen, studenten, die gratis een kamer kunnen krijgen bij een zorginstelling in ruil voor een paar uur zorg per week voor ouderen, telefooncirkels en andere initiatieven.
Kinderen in Nederland hebben voor ouderen geen betekenis; zo nu en dan komen ze op bezoek, maar zij hebben duidelijk een eigen leven. Hun oude ouders verzorgen is er helemaal niet bij, het idee alleen al.

Op Java is het de normaalste zaak van de wereld, dat de kinderen, als het zover is, voor hun ouders gaan zorgen. Kinderen komen zelfs uit het buitenland (waar ze werken) weer naar huis om voor hun ouders te zorgen. De oudjes blijven gewoon actief naar wat ze kunnen in hun eigen huis. Maar als dat niet meer gaat, dan trekken de ouderen in bij een van hun (klein)kinderen. In het huis van de (klein)kinderen gaan de oudjes hun eigen weg. Oma’s helpen in de huishouding (als dat kan), opa’s hebben hun eigen klusjes.

De ouders hebben hun kinderen een zo zorgelijk mogelijke jeugd bezorgd, en nu de ouders oud zijn, is het de beurt aan de kinderen om de ouders te verzorgen. Eenzaamheid en alleen zijn bij ouderen is er hier niet bij. Het idee, om de ouders ergens in een instelling te plaatsen als ze oud zijn, vindt men te gruwelijk voor woorden.

Erg triest, dat zoveel ouderen in Nederland hun laatste jaren in eenzaamheid moeten doorbrengen. Misschien is dit wel de prijs, die betaald moet worden in een samenleving, waar ieder voor zichzelf bezig is. Aan de kindeen heebben ze in elk geval niets.


 

 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat, Het gezin, ouders en kinderen | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Etiquette en omgangsvormen: Kinderen meenemen

Kinderen zijn altijd welkom op Java. In het bijzonder hele jonge kinderen, zoals baby’s. Dus U kunt kinderen zonder enig probleem meenemen naar een bezoek. Men zal dit zelfs zeer op prijs stellen.
Heeft U een zuigeling bij U, dan kunt U deze gewoon de borst geven, waar iedereen bij is.

Kleine kinderen worden nooit alleen gelaten. Zij zijn dag en nacht bij de ouders. Het idee, dat de ouders ergens heen gaan zonder hun kind(eren), is onbestaaanbaar. Ook het achterlaten van een kind bij een oppas gebeurt niet.
Daarom is het nooit een probleem om kinderen ergens mee naar toe te nemen.
U maakt een onbegrijpelijke indruk, als U het kind niet meeneemt en zegt, dat het thuis bij een oppas is. Dit zal zeker niet gewaardeerd worden.

Neemt U een baby mee, of anderszins een heel jong kind, dan is de kans zeer groot, dat dit kind van de een naar de ander gaat. Iedereen zal het willen knuffelen. Verzet U  zich vooral niet hiertegen. Kinderen zijn altijd welkom en erg belangrijk voor de javanen. Zij zullen later, als de ouders oud zijn, voor hun ouders gaan zorgen.
Kinderen iets verbieden, is er niet bij. Kinderen moeten een zo zorgeloos mogelijke jeugd hebben. Komt een kind op een of andere manier in een “gevaren-zone” (heeft een mes, is te dicht bij de straat) dan wordt subtiel ingegrepen.
In Nederland worden kinderen opgevoed met veel ge- en verboden, aangevuld met een pakket verplichtingen en sancties. Ze moeten heel erg veel. Zo niet dus in Indonesie. Waar in Nederland een puberprobleem bestaat, is dit niet geval in Indonesie.


 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat, Het gezin, ouders en kinderen, Omgangsvormen | Tags: , | Een reactie plaatsen

Gezinsleven

Deze Ibu heeft een toko

De man is binnen de Islam het hoofd van het gezin. Het is de taak van de man, om te zorgen voor brood op de plank. Zij werken dus.
De vrouw doet, anders dan op Bali, geen zwaar lichamelijk werk. De vrouw doet de huishouding en heeft de zorg voor de opvoeding van de kinderen. Veel vrouwen hebben een toko’tje aan huis, of verkopen op de markt. Of gaan in de ochtend met groenten langs de huizen, achterop hun fiets of brommer. Alleen bij het planten van jonge rijstplantjes, komen de vrouwen in actie.
Ongehuwde jonge dames werken vaak in winkels.
Hoger opgeleide vrouwen hebben vaak een baan; veel vrouwen werken als tandarts, of dokter, maar ook binnen het ambtenaren-apparaat zijn veel vrouwen werkzaam.
Prominente vrouwen zijn onder meer mevr. Tri Rismaharini, burgemeester van Surabaya, en mevr. Sri Mulyani, minister van Financien. Een prominente politica is mevr. Megawati Soekarnoputri.

De man vertegenwoordigt het gezin als er bijvoorbeeld gebedsdiensten zijn bij buren of kennissen ter gelegenheid van een geboorte, of een sterfdag. Na afloop is er doorgaans een bescheiden maaltijd (selamatan) en krijgen de mannen een doos met een complete maaltijd (rijst, vlees, groenten, tahu/tempe en meer) mee voor thuis.
Tijdens het vrijdag-gebed zijn er in de moskeeen overwegend mannen, als hoofd van het gezin. Vrouwen zijn echter welkom. Waar de vrouw tot taak heeft het verzorgen van de huishouding en de opvoeding van de kinderen, ligt het voor de hand, dat de man namens het gezin naar de moskee gaat. Wie past er anders op de kinderen ?
Kleuterschool en lagere school: vroeg in de ochtend (7 uur) gaan de kinderen naar school. Het dragen van een school-uniform is verplicht. Vanaf 4 jaar gaan kinderen naar de kleuterschool (TK), tot ongeveer 10 uur. Na 2 jaar kleuterschool gaan ze naar de lagere school (SD). De kinderen worden gebracht en gehaald door de moeders. Veel kinderen gaan halverwege de lagere school zelf op de fiets naar school. Om 12 uur is het gedaan met de lagere school.
De meeste kinderen van de lagere schoolleeftijd gaan aan het einde van de middag naar een moskee, voor godsdienstles.
De middelbare school (SMP en SMA) duurt tot ongeveer 2 uur in de middag. De lagere school was al gratis, maar vanaf dit jaar zijn de SMP en de SMA ook gratis. Wel moet worden betaald voor het schooluniform.
’s Avonds zoeken de oudere jongens elkaar op, hetzij thuis of in een warung. De meisjes zoeken elkaar ook op, maar bij elkaar thuis. Groepjes meisjes vind je niet in een warung. Dit vindt men niet gepast.
Er is dus een duidelijke rolverdeling tussen man en vrouw in het gezin.
Blijken van genegenheid tussen echtelieden ziet men hier niet. Dit is een prive-zaak en niet iets voor in het openbaar.

Een probleem in Indonesie is het huiselijk geweld. Niet anders dan in Nederland (“Blijf van mijn lijf huizen”). Ik kan echter niet de omvang van dit probleem beoordelen. Daarvoor ontbreken gegevens.

In Nederland heeft de hoofddoek, die veel moslima’s dragen, voor veel discussie gezorgd. Het zou vrouw-onvriendelijk zijn en een teken van onderdrukking van de vrouw.
Ik ga in de desa, maar ook buiten de desa, op een zeer plezierige wijze met de moslima’s met een hoofddoek om. Geen spoor van onderdrukking of een mindere positie dan de man. Met name op de markt hebben we veel plezier met elkaar. Een groot deel van de middenstand (warungen, tokootjes) is in handen van vrouwen. Ook word ik regelmatig aangesproken door moslima’s (in een winkel bv.) en dan hebben we een gesprekje. Kortom, ik heb in Indonesie meer contact met vrouwen, dan ik had in Nederland.
Ik heb eigenlijk meer te doen met de mannen; dat zijn de werkpaarden, die voor het inkomen moeten zorgen. Soms gaan zij ’s avonds naar een warung voor bv. koffie en een praatje, maar het is de volgende dag weer vroeg opstaan (rond 4 uur).

Deze Ibu heeft een warung


 

 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat, Het gezin, ouders en kinderen | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Baby (20 mei 2016)

Ongeveer 2 maanden geleden heb ik bericht, dat de dochter van mijn achterbuurvrouw was bevallen van een dochter.  De bay was op tijd geboren, maar onder gewicht, 2,6 kilo.

Inmiddels zijn 2 maanden verstreken, de baby maakt het zeer goed en ziet er ook erg goed uit.
De wijze, waarop men hier met pasgeborenen omgaat, is wel heel verschillend van Nederland.
Het meest opmerkelijke is, dat de baby NOOIT alleen is; ik heb het al eerder vemeld. De meeste tijd brengt de baby door in de selendang. Meestal bij de moeder, maar ook bij een van de buurvrouwen of anderen, die langskomen. In de selendang kan de baby gewiegd worden. ’s Nachts slaapt de baby bij de ouders.
De eerste maand werd de baby ’s ochtends en in de namiddag door een (professionele) Ibu gewassen, bepoederd en vervolgens helemaal ingepakt, de armpjes langs het lichaam. Alleen het gezichtje was vrij. Dit ingepakt zijn duurt ruim een uur, daarna krijgt de baby gewone kleertjes aan.
De baby drinkt moedermelk; zij wordt gevoed waar iedereen bij is. Een volstrekt natuurlijk gebeuren; in Nederland worden hier vraagtekens bij gezet, heb ik gelezen; niet iedereen wil getuige zijn van het geven van borstvoeding. Pas na ongeveer 5 maanden gaat men over op andere voeding.
Als de baby aanstalten maakt om te gaan huilen, dan wordt alles in het werk gesteld, om dat te stoppen: iemand anders neemt de baby in de selendang over, of er wordt voeding (moedermelk) aangeboden, of er wordt gezongen.
Huiluurtjes zijn hier onbekend, huilende baby’s zijn “kasian”.
De moeder is dus dag en nacht met de baby bezig. De baby wordt letterlijk volgestopt met affectie en aandacht. Toch kan de moeder wel weg zo nu en dan, er is altijd iemand, die de zorg voor de baby overneemt.

Een jongen of een meisje. Ik merk hier geen verschil in voorkeur. Alle vaders en moeders zijn blij en trots. Wel wordt gezegd, dat jongens “nakal” zijn (ondeugend). Ik heb ook de indruk, dat bij meisjes meer discipline is, dan bij jongens.
Als de baby wat ouder is, vanaf 2 jaar, dan gaan veel vaders aan het einde van de middag een ommetje rijden in de buurt op de motor, met het kind voorop. Met meisjes evenzeer als met jongens.
Vanaf ongeveer 2/3 jaar wordt het kind steeds meer losgelaten. Is het 6 jaar, dan is het al bijna een kleine volwassene. Op die leeftijd maakt het ook alles mee, wat gebeurt . Overlijden, ziekte en meer. Kinderen worden niet weggehouden van “nare” gebeurtenissen.


 

 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat, Het gezin, ouders en kinderen | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Kinderen opvoeden (26 nov. 2015)

Sinds ik in de desa woon, zijn er in mijn buurtje een aantal kinderen geboren; ze zijn nu 2,5 – 5 jaar oud. Elke dag zie ik de kinderen spelen en met elkaar en anderen omgaan. Ik heb dus goed kunnen volgen, hoe de opvoeding is verlopen, en nog verloopt.

Het opvoeden van kinderen is de taak van de moeder. Vader werkt  om geld te verdienen, moeder bestiert het huishouden en doet de opvoeding van de kinderen. Bij de opvoeding van kinderen blijft de vader op de achtergrond.

Wat mij in de eerste plaats het meest opvalt is, dat kinderen tot ongeveer 2 jaar NOOIT alleen worden gelaten. Zij brengen een groot deel van de dag door in de selendang bij moeder. ’s Nachts slaapt het kind altijd bij de ouders. Dus een “gedwongen” alleen slapen in een kamertje (zo mogelijk voorzien van audio-visuele middelen om het kind op afstand te zien en te horen) is er niet bij. Kinderen slapen bij hun ouders tot ongeveer hun 8e jaar.

In de tweede plaats valt mij op, dat er geen vaste etenstijden zijn. Als het kind aangeeft honger te hebben, of de moeder denkt, dat het kind honger heeft, loopt zij met een bord achter het kind aan, en probeert dan een met een lepel (of met de hand) wat eten in de mond te doen. Eten als sociaal gebeuren zoals in nederland (’s avonds gezamenlijk eten en met elkaar praten) is hier niet. Als volwassenen eten, gebeurt dat in stilte.

In de derde plaats valt op, dat er op geen enkele wijze druk wordt gelegd op kinderen. Een kind bestraffend of belerend benaderen, is er niet bij. Iets verbieden is er ook niet bij. Straf krijgen de kinderen hier niet. Dat betekent niet, dat het kind altijd zijn zin krijgt. Soms wil het iets, dat niet mag of kan. Een enorme gehuil volgt dan, waarbij de ouders het kind op alle mogelijke manieren trachten af te leiden. Lukt, dat niet, dan wordt het kind op de grond gezet, totdat de huilbui voorbij is (en dat is vaak al heel snel).
Wel wordt het kjnd van jongsafaan geleerd, met de juiste hand (= de rechter) iemand de hand te geven.
Kinderen maken alles mee wat er om hen heen gebeurt. Van een overlijden van een familielid of buurman/vrouw, tot een ongeluk opstraat. Ellende wordt niet voor het kind verborgen. Indertijd overleed een buurman; volgens de Adat wordt het stoffelijk overschot (vaak naast het huis) gewassen en in witte doeken gewikkeld. Kinderen staan hierbij op de voorste rij. Het “tere kinderzieltje, dat moet worden beschermd”, kent men hier niet.

Vanaf ongeveer het tweede jaar zie je de kinderen steeds vaker alleen voor het huis spelen. Vaak met een ander kind uit de buurt. Weer wat later koopt het kind zelf een zakje snack of limonade bij de toko, die dichtbij huis is.
Geen druk wordt gelegd op de kinderen. Vaste tijden om te gaan slapen, zijn er niet echt. Er wordt geslapen, als  het kind moe is.

Rond het vierde levensjaar gaan de kinderen naar de TK, de kleuterschool. Aanvankelijk 1 of 2 maal per week 2 uur; later elke dag. Als het kind een keer niet wil, geen probleem, dan blijft het thuis.
Dit is ook de leeftijd, waarop de kinderen wel eens een grote mond hebben naar de ouders, als ze hun zin niet krijgen. Ook dit wordt niet bestraft, de ouders trekken zich er gewoon niets van aan, gaan door, met waar  ze mee bezig waren.

Als ze eenmaal 6-7 jaar zijn, dan worden het al jong-volwassenen. Ze gaan naar de Lagere School, de SD.
Kinderen en studenten hebben een schooluniform. Verplicht.
In Nederland ga je naar school om jezelf te zijn; dit is een groot goed, zo heb ik meermalen uit verschillende (discussie)programma’s op TV kunnen opmaken. Jezelf zijn: zeggen, wat je denkt en doen, wat je zegt. Of het nu beledigend is voor anderen of pijnlijk of ongemakkelijk, het maakt niet uit.
Dit is toch wel wezenlijk anders in Indonesie, waar geleerd wordt (op school, door de Adat, door de ouders) om in harmonie met elkaar te leven. In Indonesie genieten onderwijzers groot respect.
Na schooltijd is het de hele dag buiten spelen. Veel kinderen kunnen al een eitje bakken of een zakje mie bereiden. De grote mond is verleden tijd. Ze worden hulpvaardig als het moet. En ze maken het leven volop in al zijn facetten mee (ziekte, dood, ongeval, echtscheiding).
Ze passen ook op hun jongere broertje of zusje, als het nodig is.
Ruzies tussen kinderen heb ik niet meegemaakt, wel wat bedekte confrontaties, die snel weer voorbij zijn.
Ouders spelen slechts op de achtergrond een rol. Het is hun taak, om het de kinderen zo aangenaam mogelijk te maken; totdat ze eenmaal het huis uit gaan om te werken of om een gezin te stichten.

Speelgoed hebben de kinderen hier bijna niet. Een enkel oud autootje, of popje, en dat is het wel. Kinderen spelen met elkaar, soms is er een bal en kan er gevoetbald worden.

In mijn desa bestaat geen puber-probleem. De jeugd is buitengewoon plezierig en behulpzaam. Geklier, vervelend bij elkaar klitten, grote mond, het is onbekend hier, gebeurt gewoon niet.
Doch over deze leeftijd een andere keer meer.

 


 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat, Het gezin, ouders en kinderen | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

Kinderen

Kinderen aan het spelen naast mijn huis

Inmiddels zijn ook hier de feestdagen achter de rug, en herneemt het dagelijkse leven weer zijn loop.
Tijdens de feestdagen waren veel kinderen, die elders wonen en werken (bv. Bali, Surabaya) thuisgekomen in de ouderlijke woning. De meeste van die kinderen zijn al getrouwd en hebben kinderen, die dus ook zijn meegekomen.
Ik blijf me nog steeds verbazen over hoe kleine kinderen hier worden opgevoed. Kinderen tot ongeveer 2 jaar zijn nooit (ook niet eventjes) alleen. Steeds zijn ze in de selendang van de moeder (of een ander: buurvrouw, oma). Kinderen ’s nachts alleen laten slapen is er niet bij; daar wordt helemaal niet aan gedacht. Men vindt het bijna kindermishandeling, als een kind alleen in een donkere kamer moet slapen.
Eind van de middag gaan de vaders met hun kleine kinderen een ommetje maken op de brommer, even de straat op en neer rijden.
De timmerman, die even langs komt, de buurman, en wie dan ook, die even langskomt, wil het kind even op de arm hebben.
Huilen is er zelden bij; maakt het kind aanstalten om te gaan huilen, dan wordt gauw een koekje gehaald, of wordt het kind afgeleid. Een kind iets verbieden is er niet bij; het wordt afgeleid.
Kinderen worden niet gedwongen tot wat dan ook. Wel wordt bv. het gaan zitten of lopen gestimuleerd.
Al met al worden kinderen hier in elk geval  de eerste 2 jaar van hun leven volgepompt met affectie; niet alleen van de ouders, maar eigenlijk door iedereen. Kinderen zijn buitengewoon welkom; over kinderen krijgen wordt niet nagedacht. De ouders proberen het kind een zo gelukkig mogelijke jeugd te geven (tot aan het huwelijk); als de ouders oud zijn, zorgen de kinderen op hun beurt voor de ouders. De participatie-samenleving bij uitstek !
Een enorm verschil met Nederland, waar de Jeugdzorg een miljarden euro’s verslindende zaak is; met talloze opvoedkundigen, specialisten, meldpunten, agogen, stuurgroepen, opvangcentra, begeleidingsinstanties en ga zo maar door, met voor de medewerkers natuurlijk navenante salarissen.
Niets van dit alles hier. Kinderen groeien rustig op, beschermd door de ouderen en zonder enige dwang. Ook op de eerste schoolgang later rust geen dwang. Wil het kind een dag (of 2 dagen) niet, geen probleem, dan blijft het gewoon thuis.
Ik heb al meermalen de loftrompet gestoken over de jeugd (tot zo’n 20 jaar) hier. Buitengewoon vriendelijk, behulpzaam, beleefd, vooral naar oude mensen. Ook hier in de desa zijn hangjongeren; die houden zich ’s avonds op in lege bushokjes, bepaalde warungen en zo. Ze kletsen wat met elkaar, zijn druk met hun mobieltjes, roken wat. Ik ga er graag soms eventjes bijzitten. Vervelend gedrag ? Nooit. Vernielingen, baldadigheid ? Nooit. Te mooi om waar te zijn ? Absoluut niet.


 

 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat, Het gezin, ouders en kinderen | Tags: , , , , , , | Een reactie plaatsen

Kinderen opvoeden

Het wassen van de voeten van moeder is een van de hoogste betuigingen van respect

Kinderen hebben in Nederland (en ander europese landen) veel verplichtingen gedurende de dag. De belangrijkste verplichtingen zijn wel de volgende: op tijd opstaan, op tijd naar school, huiswerk maken, op tijd naar bed, kamer opruimen, op tijd zijn voor het eten. Heel veel kinderen hebben daarnaast nog vele andere verplichtingen, zoals lidmaatschappen van clubs, sporten en meer.
Naast de vele  verplichtingen is er veel te doen omtrent straffen van kinderen (een dag thuis blijven bv.) als ze ondeugend zijn geweest.
Kinderen hier op Java hebben geen verplichtingen, er wordt op hen geen dwang uitgeoefend iets te doen. Kinderen gaan slapen als ze moe zijn, eten als ze trek hebben. Vaak zie ik moeders met een bord eten achter de kinderen aanlopen, om ze tijdens het spelen een hap eten te geven.
De ouders van mijn buurjongetje gaan pas slapen, als hij (3 jaar) moe is van het spelen.
Het belangrijkste, wat de kinderen hier geleerd wordt, is respect te hebben vooor ouderen. Daarnaast wordt er lichte druk uitgeoefend om ze naar school te krijgen. Straffen is hier niet aan de orde. Kinderen dwingen iets te doen of te laten is er hier niet bij.
De kinderen moeten een zo aangenaam mogelijke jeugd krijgen, vindt men hier.
Een lastige puberleeftijd is hier niet, en ik hoor ook niemand erover. De lastige leeftijd hier is van 5 – 8 jaar.
Veel ouders in Nederland hebben hoge verwachtingen van hun kinderen, hetzij op sportief gebied, scholing of anders. Er ligt een druk daar op kinderen om te presteren. Hier geen druk op kinderen, een aangename jeugd moeten ze hebben.
Over het opvoeden hier heb ik al meerdere malen met mensen uit Europa gesproken. Zij zien die vrijheid van de kinderen hier met zeer gemengde gevoelens aan. Vaak ook de opmerking / verzuchting: “zo komt er van die kinderen later weinig terecht”.
Ook ik heb aanvankelijk met gemengde gevoelens gekeken naar deze manier van opvoeden. Maar het resultaat van deze opvoeding heeft mij overtuigd van het gelijk van de mensen hier wat betreft opvoeden.
Ik heb nergens een prettigere jeugd meegemaakt dan hier in Indonesie. De jeugd is uiterst behulpzaam voor ouderen en de ouders, ze heeft ook werkelijk respect voor ouderen, ik maak het dagelijks mee. Ik ben op elk moment van de dag veilig.
Vanaf 10 jaar zijn de kinderen al bijna zelfstandig. Onderscheid kinderen – volwassenen is hier niet sterk, kinderen zijn in feite al jonge volwassenen.
Het beroven van ouderen, huizen binnendringen, het gebeurt hier niet.
De ouders steunen de kinderen (ook financieel indien nodig) zolang zij kunnen, ook als ze getrouwd zijn. Komen de ouders in de problemen, of kunnen ze niet meer alleen wonen, dan nemen de kinderen de ouders in huis en zorgen voor ze.
Het idee, om de ouders naar een tehuis te brengen, is hier te gruwelijk voor woorden.
Het respect voor ouderen ziet men in veel culturen. Onder meer Chinezen staan bekend om hun respect voor oude mensen. Ik wordt er niet vrolijk van, als ik (op TV) zie en lees, hoe het met zeer veel ouderen vergaat in Nederland. Een totaal ander beeld van ouder worden in Indonesie.
Het respect voor ouderen wordt in de Koran ook bepleit: Sura 17: als je ouders op oude leeftijd wel eens lastig worden, ga dan niet op ze fitten, maar wees vriendelijk, ze hebben jou gebaard.
Zoals overal ter wereld loopt het hier ook wel eens anders, hoewel ik het nog niet heb meegemaakt. En de grote steden hebben hun eigen problemen, straatkinderen, jongens, die de straten onveilig maken en zo. Maar dat is niet het algemene beeld.

Respectvolle begroeting van moeder. Het kussen van de voeten van moeder gebeurt door alle kinderen, ongeacht hun rang en positie in de samenleving. Zelfs een generaal kust de voeten van moeder.


 

 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat, Het gezin, ouders en kinderen, Omgangsvormen | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Oma, mijn buurvrouw (12 jan. 2014)

De mensen in het buurtje, waar ik woon, zijn allemaal familie van elkaar. Stam-moeder is de oude Oma, weduwe, die naast mijn huis woont, respectvol aangesproken met “Mbok”. Zij is ergens in de 90 jaar en heeft bijna 40 klein- en achterkleinkinderen. Zij is de koningin van de buurt, erg vriendelijk en nog geheel bij de tijd.
Oma woont samen met een van haar kleinzonen. Zij staat rond 4 uur in de ochtend op, en is de hele dag bezig met haar huishouden: eten maken, kleren wassen, stoepje aanvegen etc. Tussendoor neemt zij regelmatig rust.
Ook wipt zij regelmatig aan bij een van haar kinderen naast haar.
In de nacht is zij nooit alleen, altijd slaapt wel een van de kleinkinderen bij haar; je weet maar immers nooit.
De buurt laat haar leven zoals zij wil, maar is wel steeds alert voor het geval er wat is.
Oma wordt in het hoog-Javaans aangesproken, de beleefde taal voor ouderen. Als er weer eens een achterkleinkind is geboren, is zij er als de kippen bij.
Haar AOW is de opbrengst van een stuk sawah even verderop.
Omdat zij alleen javaans spreekt, en mijn javaans nog in het beginstadium verkeert, zwaaien wij altijd naar elkaar.
Zij heeft mij verteld, dat zij tijdens de politionele acties van nederland enige maanden met haar man in het bos heeft gewoond, op de vlucht.

Oude mensen staan in zeer hoog aanzien hier.
Dat oude mensen een probleem kunnen vormen, is hier volstrekt onbekend en men wil daar ook helemaal niet van weten. Dit vloeit rechtstreeks voort uit de Koran: zonder ouders was jij er niet, ze hebbben je opgevoed, dus wees tolerant, behulpzaam en vriendelijk, als ze oud zijn.

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat, Het gezin, ouders en kinderen | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Blog op WordPress.com.