Berichten getagd met: school

Na school naar huis (12 dec. 2018)

In Indonesie hebben schoolgaande kinderen altijd een uniform aan. Verder moeten zij gepoetste schoenen aan hebben, en een goed verzorgd kapsel en schone handen hebben. Het schooluniform geldt tot en met de middelbare school.
Voor veel kinderen is het lopen met schoenen aan onplezierig; buiten schooltijd lopen zij op teenslippers en vaak op blote voeten. Als kinderen, vooral van de lagere school, na schooltijd naar huis gaan, is het eerste wat ze doen, de schoenen uittrekken.
De kleuren van het schooluniform verschillen per klas. Gaan de kinderen over naar een hogere klas, dan wordt het uniform weggegeven of verkocht.
Het schooluniform staat niet ter discussie; in nederland trekt men naar school aan wat men wil (“ik wil mezelf zijn”), in Indonesie gaat men niet naar school om zichzelf te zijn, maar om iets te leren.


 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat | Tags: , , | 4 reacties

Kinderen opvoeden

Sinds ik in de desa woon, zijn er in mijn buurtje een aantal kinderen geboren; ze zijn nu 2,5 – 5 jaar oud. Elke dag zie ik de kinderen spelen en met elkaar en anderen omgaan. Ik heb dus goed kunnen volgen, hoe de opvoeding is verlopen, en nog verloopt.

Het opvoeden van kinderen is de taak van de moeder. Vader werkt  om geld te verdienen, moeder bestiert het huishouden en doet de opvoeding van de kinderen. Bij de opvoeding van kinderen blijft de vader op de achtergrond.

Wat mij in de eerste plaats het meest opvalt is, dat kinderen tot ongeveer 2 jaar NOOIT alleen worden gelaten. Zij brengen een groot deel van de dag door in de selendang bij moeder. Echter, ook buurvrouwen en anderen dragen regelmatig het jonge kind in de selendang. ’s Nachts slaapt het kind altijd bij de ouders. Dus een “gedwongen” alleen slapen in een kamertje (zo mogelijk voorzien van audio-visuele middelen om het kind op afstand te zien en te horen) is er niet bij. Kinderen slapen bij hun ouders tot ongeveer hun tiende jaar.

In de tweede plaats valt mij op, dat er geen vaste etenstijden zijn. Wel na het opstaan ’s ochtends, maar als het kind aangeeft honger te hebben, of de moeder denkt, dat het kind honger heeft, loopt zij met een bord achter het kind aan, en probeert dan een met een lepel (of met de hand) wat eten in de mond te doen. Eten als sociaal gebeuren zoals in nederland (’s avonds gezamenlijk eten en met elkaar praten) is hier niet. Als volwassenen eten, gebeurt dat in stilte.

In de derde plaats valt op, dat er op geen enkele wijze druk wordt gelegd op kinderen. Een kind bestraffend of belerend benaderen, is er niet bij. Iets verbieden is er ook niet bij. Straf krijgen de kinderen hier niet. Dat betekent niet, dat het kind altijd zijn zin krijgt. Soms wil het iets, dat niet mag of kan. Een enorme gehuil volgt dan, waarbij de ouders het kind op alle mogelijke manieren trachten af te leiden. Lukt, dat niet, dan wordt het kind op de grond gezet, totdat de huilbui voorbij is (en dat is vaak al heel snel).
Wel wordt het kjnd van jongsafaan geleerd, met de juiste hand (= de rechter) iemand de hand te geven.
Kinderen maken alles mee wat er om hen heen gebeurt. Van een overlijden van een familielid of buurman/vrouw, tot een ongeluk opstraat. Ellende wordt niet voor het kind verborgen. Indertijd overleed een buurman; volgens de Adat wordt het stoffelijk overschot (vaak naast het huis) gewassen en in witte doeken gewikkeld. Kinderen staan hierbij op de voorste rij. Het “tere kinderzieltje, dat moet worden beschermd”, kent men hier niet.

Vanaf ongeveer het tweede jaar zie je de kinderen steeds vaker alleen voor het huis spelen. Vaak met een ander kind uit de buurt. Weer wat later koopt het kind zelf een zakje snack of limonade bij de toko, die dichtbij huis is.
Geen druk wordt gelegd op de kinderen. Vaste tijden om te gaan slapen, zijn er niet echt. Er wordt geslapen, als  het kind moe is.

Rond het vierde levensjaar gaan de kinderen naar de TK, de kleuterschool, in uniform. Aanvankelijk 1 of 2 maal per week 2 uur; later elke dag. Als het kind een keer niet wil, geen probleem, dan blijft het thuis.
Dit is ook de leeftijd, waarop de kinderen wel eens een grote mond hebben naar de ouders, als ze hun zin niet krijgen. Ook dit wordt niet bestraft, de ouders trekken zich er gewoon niets van aan, gaan door, met waar  ze mee bezig waren.

Als ze eenmaal 6-7 jaar zijn, dan worden het al jong-volwassenen. Ze gaan naar de Lagere School, de SD.
Kinderen en studenten hebben een schooluniform. Verplicht.
In Nederland ga je naar school om jezelf te zijn; dit is een groot goed, zo heb ik meermalen uit verschillende (discussie)programma’s op TV kunnen opmaken. Jezelf zijn: zeggen, wat je denkt en doen, wat je zegt. Of het nu beledigend is voor anderen of pijnlijk of ongemakkelijk, het maakt niet uit. Dit is toch wel wezenlijk anders in Indonesie, waar geleerd wordt (op school, door de Adat, door de ouders) om in harmonie met elkaar te leven. In Indonesie genieten onderwijzers groot respect.
Na schooltijd is het de hele dag buiten spelen. Veel kinderen kunnen al een eitje bakken of een zakje mie bereiden. De grote mond is verleden tijd. Ze worden hulpvaardig als het moet. En ze maken het leven volop in al zijn facetten mee (ziekte, dood, ongeval, echtscheiding).
Ze passen ook op hun jongere broertje of zusje, als het nodig is.
Ruzies tussen kinderen heb ik niet meegemaakt, wel wat bedekte confrontaties, die snel weer voorbij zijn.
Ouders spelen slechts op de achtergrond een rol. Het is hun taak, om het de kinderen zo aangenaam mogelijk te maken; totdat ze eenmaal het huis uit gaan om te werken of om een gezin te stichten.

Speelgoed hebben de kinderen hier bijna niet. Een enkel oud autootje, of popje, en dat is het wel. Kinderen spelen met elkaar, soms is er een bal en kan er gevoetbald worden.

In mijn desa bestaat geen puber-probleem. De jeugd is buitengewoon plezierig en behulpzaam. Geklier, vervelend bij elkaar klitten, grote mond, het is onbekend hier, gebeurt gewoon niet.
Doch over deze leeftijd een andere keer meer.

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat, Het gezin, ouders en kinderen | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

Ziektekosten – de BPJS (14 nov. 2014)

Begin van dit jaar is door de regering ingevoerd de “BPJS”; dit is een ziektekostenverzekering, bedoeld voor alle indonesiers, maar vooral voor de minder draagkrachtigen. Bij de invoering was al duidelijk, dat het een hele onderneming zou worden om de BPJS goed ingevoerd te krijgen.
Uit persberichten begreep ik, dat nu ongeveer 90 miljoen indonesiers deze “Kartu Indonesia Sehat” van de BPJS hebben. Op vertoon van deze kaart wordt men in het ziekenhuis (vrijwel) gratis geholpen.
Bij deze verzekering zijn er 3 klassen: klas 3 (rp 25.000 p/mnd), klas 2 (rp 50.000 p/mnd) en klas 1 (rp 80.000 p/mnd).
Voor mensen met een laag inkomen, betaalt de overheid (desa) de premies.
De allerarmsten konden vroeger met een “Surat miskin” (armenbrief) vrijwel gratis medische hulp krijgen, maar ook toen vielen velen buiten de boot. Velen wisten niet van het bestaan van de Surat af, veel anderen waren malu om er een aan te vragen.
Het grootste deel van de indonesiers zal deze “Kartu Indonesia Sehat” van de BPJS kunnen betalen. Maar er blijven nog vele miljoenen mensen over, die dit niet kunnen. Hoe men deze allerarmsten tegemoet wil komen, is niet duidelijk.

Behalve de “Kartu Indonesia Sehat” zal ook worden ingevoerd de “Indonesia Smart Cards” (KIP). Deze kaart zal worden gegeven aan kinderen in de school-leeftijd en die uit arme gezinnen komen.
Het zal een enorme onderneming zijn de komende tijd (jaren?) om alle armen echt van deze 2 kaarten te voorzien.
Maar het is verheugend, dat er tenminste iets wordt gedaan.

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat, Landelijk en politiek | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

School-project in Semboro

Enige tijd geleden stuitte ik bij toeval op een eenvoudige site, over een schoolproject in Semboro.
Semboro is een klein stadje, op zo’n 7 km. van mijn desa. Semboro is bekend vanwege de suikerfabriek, die nog uit de nederlandse tijd stamt, en nog steeds functioneert.
Mevr. Els Supranoto uit Nederland is de gangmaker van dit project. Zij heeft roots in Semboro. Omdat Els toen in Semboro was voor een paar dagen, ben ik samen met mijn zoon gaan kijken naar dit project, argwanend als ik ben waar het gaat om projecten ver weg.
Ik trof inderdaad een klein schooltje aan, dat de nodige onderhoudswerkzaamheden behoeft. De volgende dag is Els bij mij op bezoek geweest in mijn desa.
Ik kan dit zeer kleinschalige project van harte aanbevelen, als het gaat om donaties. Er is geen directie, geen dure staff, dienstwagens en meer. Het geld wordt rechtstreeks gebruikt voor de onderhoudswerkzaamheden.
Dit is bij mijn weten het enige project in de zeer wijde omgeving van mijn desa.
Voor meer informatie zie de website van het project.

Voor meer informatie, klik: Schoolproject

 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Blog op WordPress.com.