
Ik verbaas mij erover, hoeveel mensen in mijn desa weet hebben van de oorlog Rusland-Oekraine. Deze oorlog is dagelijks op TV, soms korte reportages, soms wat langere. Van enige bezorgdheid omtrent eventuele gevolgen voor Indonesie is echter geen sprake.
Degenen, die de oorlog volgen (meestal jongeren), vragen zich in gesprekken met mij af, waarom de NATO zo dichtbij Rusland moet komen; zij denken, dat als Oekraine neutraal blijft, Rusland minder problemen zal maken.
In de pers verschijnen wel artikelen over mogelijke consequenties voor de economie, zoals prijsverhogingen van levensmiddelen en benodigdheden. Maar tot op heden is er nog geen sprake van prijsverhogingen.
Inmiddels is de koers van de Euro sterk gezakt. Een paar maanden geleden was de koers nog rp.16.600 voor 1 euro, vorig jaar zelfs 17.700. Nu is de koers 15.600 voor 1 euro. Dus ik ga er wel iets op achteruit.
Temidden van een onrustige wereld blijft Indonesie kalm en vredig.

Deze dief van een motor is doodgeslagen
Wat merk ik in mijn desa en regio van criminaliteit ?
Helemaal niets, op een enkele uitzondering na.
Ik ervaar mijn desa (plm 25.000 inwoners) als zeer veilig; dag en nacht kan ik door de desa lopen / fietsen, zonder dat ik mij onbehaaglijk voel. Ik voel mij alleen onbehaaglijk, als ik in het donker langs een plek in de desa kom, waarvan men zegt, dat er “hantu’s” (spoken) zijn.
Hangjongeren of agressieve mensen zijn er niet. Dat ik aangevallen of beroofd zou worden, is in de desa ondenkbaar. Het leven in de desa is vredig.
De enige vorm van criminaliteit, die een enkele keer in de desa voorkomt, is diefstal. Vooral motoren zijn het doelwit van dieven. Binnen enkele seconden hebben dieven een motor van het slot gehaald en rijden ze ermee weg.
Motoren worden daarom in de avond en nacht altijd in huis gestald.
Als de desa-mensen toch een motor-dief hebben kunnen “vangen”, dan is het lot van de dief zeer onzeker. Op zijn minst wordt hij in elkaar geslagen; niet zelden wordt hij ter plekke dood geslagen. Diefstal neemt men zeer hoog op.
Dat dieven huizen binnendringen, komt niet voor; bij de meeste desa-bewoners valt er niets te halen.
Enige tijd geleden zijn in de avond vlak bij mijn huis 3 dieven gepakt; zij zijn betrapt, toen zij de jeruk-oogst van een boer aan het laden waren in een kleine vrachtwagen. De oogst stond nog op de sawah, te wachten op vervoer de volgende dag. De 3 dieven zijn enorm in elkaar geslagen en daarna door de menigte naar de Balai Desa (gemeente-huis) gebracht, waar ze in een leeg lokaal werden opgesloten in afwachting van de komst van de politie. De politie heeft het drietal later naar de gevangenis gebracht. Het was een enorme consternatie bij de Balai Desa, een paar honderd mensen hadden zich daar verzameld.
Enige tijd geleden zijn bij een huis 200 meter van het mijne verwijderd, in de nacht 2 koeien gestolen; de bewoners hadden niets gehoord, omdat ze gehypnotiseerd zouden zijn geweest door de dieven.
De sociale controle is groot in de desa. Men let op elkaar.
Een politie-post is er niet in de desa. De burgers regelen het zelf allemaal.
De eigenrichting komt in heel (zuid-oost) Azie voor en niet alleen in Indonesie. Een verzekering voor diefstal is er niet; burgers lijden veel schade als spullen worden gestolen, daarom is de woede ook zo groot.
Voor de video over het pakken van de 3 jeruk-dieven in mijn desa, klik hier
Vanwege de geweldadige inhoud, kan deze video niet op mijn blog verschijnen; U moet daarom de video op Y-tube bekijken.
————————–
Burgers hebben een dief gevangen


Gebouw waar de patienten liggen van RS Kaliwates in Jember-sad
Na 3 dagen verblijf in het ziekenhuis Kaliwates in Jember-stad, ben ik inmiddels weer thuis.
RS Kaliwates is een prima ziekenhuis, met welhaast nederlandse standaard, schoon, goed in de verf en zeer vriendelijk personeel.
Ik zal vandaag of morgen hierover berichten.

Ik ben dit blog begonnen in 2013.
Ik heb verslag gedaan van veel wat er in de desa gebeurt: huwelijken, begrafenissen, geboortes van kinderen, feesten, problemen met het weer en meer. Ik heb ook aandacht besteed aan de Islam in mijn regio.
Het leven in de desa is vrij statisch; het ene jaar verschilt bijna niet van het andere jaar. Elk jaar zijn er de vastgestelde feesten, huwelijken worden gesloten zoals vanouds, mensen worden begraven en kinderen geboren.
Een langzame, maar gestage ontwikkeling is de groei van mijn desa van een “gewone” desa naar een zo langzamerhand klein stadje. Er zijn winkels bijgekomen, nieuwe warungen zijn geopend, en er is zelf een post van de BRI-Bank, waar geld gehaald kan worden. Alleen een Indomaret en een Alfamaret ontbreken nog.
Mijn desa is een authentieke javaanse desa. Java is echter veel meer dan mijn desa. Ik ben van plan om de aandacht van dit blog meer te gaan richten op de Javaanse cultuur. Om steeds maar weer te berichten over huwelijken, geboortes, begrafenissen en meer in mijn desa vind ik niet bevredigend.
De komende maanden zal ik een “2-sporen-beleid” voeren:
– nieuws uit de desa, en
– meer berichten over Java en de javaanse cultuur.

Ik wens U allen goede feestdagen toe.

Er gebeuren veel ongelukken op de weg in Indonesie; de meeste ongelukken (naar ik heb begrepen 80 %) zijn met motoren.
Bij een ernstige valpartij met een motor in Nederland komt binnen zeer korte tijd een ambulance en vaak ook de politie; het slachtoffer wordt naar het ziekenhuis gebracht voor behandeling. Voor omstanders bij een ongeluk is er eigenlijk niets te doen.
In Indonesie zijn er doorgaans veel omstanders, die het slachtoffer van een ongeval proberen te helpen. Een ambulance bellen doet men niet, het kan lang duren, voordat de ambulance er is. Omstanders bemoeien zich met het slachtoffer; als zij eenmaal het slachtoffer hebben “gestabiliseerd”, wordt een familielid of een kennis / vriend gebeld, om het slachtoffer op te halen.
Zo is het met mij 2 weken ook gegaan. Ik kwam met de motor ten val op de doorgaande weg naar Balung, doordat de voor-rem van mijn motor plotseling blokkeerde. Het was een forse valpartij, waardoor ik dizzy midden op straat lag, met de motor op mijn benen. Ik kon niets doen.
Echter, binnen enkele seconden waren er vele omstanders, die mij hielpen; allereerst werd de motor van mijn benen gehaald, vervolgens werd ik hangend tussen 2 sterke jongemannen naar een warung 3 meter verderop gebracht, waar ik water te drinken kreeg. Andere omstanders verzamelden mijn spullen, die op de weg lagen, zoals portemonnaie, zonnebril en mobieltje.
Er was een kleine file op de weg ontstaan; toen ik midden op de weg lag, ik blokkeerde de doorgang. Maar geen getoeter of wat dan ook.
Inmiddels wisten meerdere omstanders, dat ik in desa Paleran woonde, en een van de omstanders had zelfs het telefoonnummer van mijn zoon; die werd dus gebeld. Binnen 10 minuten was hij met de auto ter plaatse en kon ik naar huis gebracht worden.
Vlees- en schaafwonden en zwellingen aan mijn been en voet waren het gevolg van de valpartij.
De volgende dag werd ik naar mijn dokter umum (zeg maar huisarts) gereden en kreeg ik medicijnen en zalf.
Inmiddels ben ik nog steeds herstellende van de wonden aan mijn been en voet, en strompel ik wat op krukken door het huis. Mijn dokter umum heeft de wonden prima verzorgd, maar het zal nog wel een paar weken duren, voordat ik weer volledig hersteld ben.
Wat mij het meest bijblijft van de valpartij, is de rol van de omstanders. Belangeloos helpen, wetend dat er geen andere optie is. Vriendelijke hulp, hier en daar werd zelfs een foto gemaakt; ik heb dit foto-maken van mij als vorm van medeleven beschouwd, en zeker niet als nieuwsgierigheid. Foto’s worden thuis gedeeld, en het is dan alom “kasian” “kasian” voor pappa.
Al met al, hoe pijnlijk ook, een unieke ervaring !
Een militair begroet zijn moeder
Inmiddels heeft wederom een bekende nederlander (ene E. Meiland) haar gal gespuwd over moslim-vrouwen, die de hoofddoek dragen. De leeghoofdigheid van dit soort lieden is stuitend.
Ik wil niet veel woorden vuil maken aan dit onzinnig geklets. Dit soort lieden zijn TBS-waardig.
Ik wil opkomen voor de vele moslima’s in Indonesie, die de hoofddoek dragen. Ik woon nu ruim 10 jaar in een volstrekt islamitische regio en maak dus van nabij mee, hoe de vrouwen omgaan met de hoofddoek. De vrouwen bepalen zelf, of en wanneer zij de hoofddoek gebruiken. Er zijn ook vele moslima’s, die helemaal geen hoofddoek dragen.
Moslima’s, die de hoofddoek dragen: onderdrukt ? achterlijk ? onder de plak van de man ?
Vele moslima’s werken als arts / specialist; de middenstand drijft op moslima’s, vele moslima’s zijn werkzaam in allerlei rangen van het openbaar bestuur; ook bij zeer gespecialiseerde beroepen komt men moslima’s met hoofddoek tegen, bv als Air Traffic Controler, of als minister van financien en als minister van sociale zaken. Tenslotte zijn er de vele, vele moslima’s, die moeder zijn en belast zijn met de opvoeding van de kinderen; een moeder is in Indonesie bij de moslims de meest gerespecteerde persoon. De profeet Mohammed heeft al gezegd, dat de moeder het meeste respect toekomt, meer dan de vader.
Op scholen wordt kinderen geleerd, hoe de moeder te respecteren (voeten van de moeder wassen). Het begroeten door een zoon/dochter van de moeder op speciale dagen is altijd een emotioneel moment; zoon of dochter knielt met het hoofd op de voeten van de moeder. Zelfs 4-sterren generaals gaan op de grond voor moeder.
Tolerantie jegens moslims in Nederland is ver te zoeken, zoals ik als moslim heb kunnen ervaren tijdens mijn bezoeken aan Nederland.
Kinderen wassen de voeten van moeder als teken van respect


Oma kan op het terras voor mijn huis zitten
In het huis naast mijn huis, woont de stokoude Oma, de oermoeder van mijn buurtje. Zij woont daar samen met haar dochter, 2 kinderen van haar dochter en haar kleinzoon.
Om meerdere redenen is Oma niet gelukkig met haar woonsituatie. Ze wil ergens anders wonen. Maar 2 van haar kinderen, die ook vlakbij mij wonen, hebben geen plaats (kamer) voor haar.
Met mijn zoon (haar kleinzoon dus) heeft zij altijd een goed contact gehad. Daarom heeft ze hem gevraagd, of ze in mijn huis kan wonen, dus samen met mijn zoon, diens vrouw en zoontje en ikzelf.
Nu hebben wij ook geen kamer over; maar achter mijn huis, aangebouwd, is een stenen schuur. Die kan worden omgebouwd tot een mooie kamer, zo vinden ik en mijn zoon. Oma zou erg blij zijn met deze oplossing.
Mijn zoon gaat nu op zoek naar tukangen, die de klus willen uitvoeren. Tot zolang moet Oma dan nog in haar oude kamer blijven.
Oma heeft geen inkomsten. AOW bestaat hier niet. Kost en inwoning komen dus voor onze rekening. Wel heeft Oma een stuk sawah. De 3-maandelijkse opbrengst van die sawah kan mijn zoon gebruiken voor de kosten van onder meer medische verzorging.
Voor de verbouwing van de schuur tot woonruimte is geen enkele (gemeentelijke) vergunning nodig. Het is ons huis, het staat op onze grond, dus wij kunnen gewoon onze gang gaan.

Degene met de punt-muts (links), is de jarige Amel.
Vandaag is mijn buurmeisje Amel jarig. Ze is 8 jaar geworden. Zij woont samen met haar oma; haar vader werkt ver weg, en komt daarom niet vaak thuis.
Met haar beperkte financiele middelen, heeft oma toch een leuk verjaardagsfeest gegeven.
Een verjaardagsfeest hier gaat wat anders dan in Nederland.
Alle kinderen hadden een mooi verpakt kadootje bij zich. De kado’s worden niet opengemaakt, maar op tafel neergelegd; als iedereen later weer naar huis is, worden de kado’s pas open gemaakt.
Als alle kinderen gekomen zijn, dan wordt gebeden voor onder meer gezondheid en een lang leven.
Daarna wordt “Happy birthday” gezongen.
Vervolgens wordt de taart aangesneden en krijgt iedereen zijn deel.
Na nog even wat te hebben gespeeld, ging iedereen weer huiswaarts.
