Auteursarchief: Oost Java Info

Over Oost Java Info

Berichten uit een javaanse desa bij Jember, Oost Java, door een nederlander, die in de desa woont.

Het weer – overgang naar droge seizoen (4 mei 2020)

Langkah-langkah Cara Menanam Padi | Bibit Online

Het planten van de bibit (rijstplantjes)

Mijn laatste bericht over het weer was van 8 april jl. Ik meldde toen, dat het vrijwel elke dag regende. Welnu, tot een dag of 5 geleden heeft dit zo geduurd. Bijna elke middag regen met soms forse onweersklappen.

Echter sinds 5 dagen lijkt het weer aan het veranderen. De indonesische KNMI (BMKG) heeft aangekondigd, dat we zo langzamerhand naar het droge seizoen gaan. Dat wil niet zeggen, dat het de komende tijd niet meer zal regenen, zo nu en dan zal er nog een bui vallen.
De temperaturen zijn aan het stijgen. Rond de middag is het 33 C. De ochtenden zijn doorgaans helder, in de middag is er wel bewolking, maar niet meer van die dreigende donkere regenwolken.
De lucht wordt rustiger.

De boeren zijn druk bezig de nieuwe rijstplantjes (bibits) te planten. Over 3 maanden kan er geoogst worden.

Gewoonlijk begint in de loop van de maand juni het koude (maar) droge seizoen, dat duurt tot eind augustus. Hoe het weer zich dit jaar zal gaan ontwikkelen, weten we niet.
Vorig jaar was een bijzonder jaar wat het weer betreft. In september en oktober was er een een ongekende hitte; en het regenseizoen, dat gewoonlijk rond oktober begint, liet het afweten. Het droge seizoen duurde tot eind december. De gewassen op vele sawah’s zijn verdroogd, een slechte oogst dus.

Het is aan de boeren, wat zij gaan doen met de sawah’s na de rijst-oogst van 3 weken geleden. Er worden ook jerukken, boontjes, en veel meer verbouwd.


 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat, Het weer, aardbevingen, vulkaanuitbarstingen, ander natuurgeweld | Een reactie plaatsen

Premieverhoging ziektekostenverzekering BPJS gaat niet door (1 mei 2020)

Ik berichtte eind vorig jaar, dat de maandpremie voor de indonesische ziektekostenverzekering (BPJS) met ingang van 1 januari 2020 zou worden verdubbeld. Deze premieverhoging was een besluit van de president om iets te doen aan de grote tekorten op deze verzekering.
Deze premieverhoging is inderdaad ingegaan met ingang van 1 januari 2020.
In maart 2020 echter heeft het Hooggerechtshof van Indonesie in Jakarta geoordeeld, dat het besluit van de president om de premie te verdubbelen, onjuist is. De premieverhoging zou met verschillende wettelijke voorschriften in strijd zijn.
Met ingang van 1 mei (vandaag dus) geldt weer de premie van vorig jaar.

De vraag blijft, wat te doen aan de grote tekorten op deze volksverzekering. Een eigen risico invoeren zou een mogelijkheid kunnen zijn; ook zou kunnen worden gekeken om de organisatie van de verzekering door te lichten (bezuiniging). Een aantal behandelingen schrappen uit het pakket van de verzekering zou ook kunnen. Tenslotte is geopperd, om bij behandelingen bv 10% van de rekening ten laste van de patient te laten komen.
Het lijkt helemaal nederland.
De premie is nu dus weer 6 euro per maand (rp 80.000).

De teveel betaalde premie van januari t/m maart krijgen we niet terug. Alleen het teveel betaalde van de maand april wordt gerestitueerd.

Net zoals in nederland zijn er bijkomende kosten, die niet onder de verzekering vallen; vooral voor bepaalde medicijnen bijvoorbeeld.


 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat, Landelijk en politiek | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Kinderen (28 april 2020)

Kinderen aan het spelen vlak naast mijn huis


 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat | Tags: , | Een reactie plaatsen

Dieven opgepakt, gemolesteerd en aan politie overgedragen (26 april 2020)

Op de video hierboven is te zien hoe het eraan toegaat bij het oppakken van de 3 dieven bij de sawah.

Gisterenavond, rond 20.00 uur, zijn bij een sawah achter mijn huis, 3 mannen door burgers opgepakt. De 3 mannen waren bezig jerukken te stelen. Een jeruk is een citrusvrucht, een soort kruising tussen een citroen en een sinaasappel. Een kilo jerukken kost plm rp 6000. De dieven hadden al vele kilo’s klaar staan om mee te nemen.

Jerukken

Jual Jeruk Peras Pontianak - Depo Buah | Ralali.comAl snel kwamen tientallen mannen uit de naburige woningen toegesneld om te helpen bij het “burger-arrest”. De dieven werden zeer hardhandig aangepakt, zoals gebruikelijk is in zuid-oost Azie. Er werd met stokken op hen ingeslagen, ze werden geschopt tot bloedens toe en aan hun haren getrokken. Hun kleren werden verscheurd. Niet zelden worden dieven ter plekke doodgeslagen.
Enige tijd later werden de 3 dieven op motoren naar de “Balai Desa” (gemeentehuis) van mijn desa gebracht, waar ze in een zaal moesten wachten op de komst van de politie. De deur van die zaal werd bewaakt door een soort vice-burgemeester, zodat niemand er in kon.
De politie was er al snel, waarna voorbereidingen werden getroffen om de 3 dieven naar de gavangenis in Jember-stad te brengen. Na een half uur werden de dieven in een politiewagen geladen en vertrok men naar Jember-stad.

Honderden opgewonden burgers waren toegesneld naar de Balai Desa; het pakken van 3 dieven op heterdaad is een heftige gebeurtenis in de desa. De woede bij de desa-bewoners is enorm; degene, die bestolen wordt, lijdt verlies, er is geen verzekering, die de schade dekt. Vandaar dat de woede zo groot is.
De politie-agenten hadden de zaak goed onder controle; er mocht niet meer geslagen worden. En bij het “inladen” van de dieven in de politiewagen moesten de burgers op gepaste afstand staan.

De drie dieven in de zaal van de Balai Desa (foto Paul Kijlstra)

————————–
Vele burgers waren naar de Balai Desa gekomen; op de foto in het midden de zaal, waar de dieven op de politie wachtten. (foto Paul Kijlstra)

————————–
Het “inladen” van de dieven in de politie-wagen. (foto Paul Kijlstra)


 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Het leven in de desa onder corona (25 april 2020)

Een “corona controle post” in mijn desa

Het leven in de desa gaat, ondanks de dreiging van corona, zijn gang. Er worden steeds meer mondmaskers gedragen, en bij de toegangswegen tot mijn desa (en ook andere desa’s) staan posten, waar de temperatuur van voorbijgangers (brommers en auto’s) wordt gecheckt en mondmaskers worden uitgedeeld. Op veel plaatsen staan grote borden waarop voor corona wordt gewaarschuwd en wordt herinnerd aan de maatregelen, die de burgers kunnen nemen.
Bij veel winkels en kantoren is er gelegenheid om de handen te wassen.
Een lock-down van mijn desa is, ik meldde het al eerder, is volstrekt onhaalbaar. Het is oogsttijd, en straks moet er onder meer weer rijst geplant worden; de gewassen op de sawah’s kan men niet laten verrotten. Daarbij betekent de oogst weer inkomen voor de komende 2/3 maanden.
Ook het sluiten van de pasar is niet denkbaar; op de pasar haalt iedereen groenten en vlees voor de dagelijkse maaltijd; een alternatief voor de pasar is er niet.
Het leven in de desa gaat dus gewoon door, hoewel het aanmerkelijk rustiger is dan gewoonlijk.

Ik zelf heb een redelijke mate van bewegingsvrijheid; toeren met de brommer gaat goed en als ik naar een Indomaret  of Alfamaret supermarkt ga, ga ik pas naar binnen als er weinig mensen zijn.
Maar een aantal kennissen in Jember-stad bezoeken, zit er nu nog niet in.
Verder kan ik in mijn buurt rustig wandelen.


 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Ramadan begonnen (23 april 2020)

Vandaag is de vastenmaand Ramadan begonnen. Het is nu donderdagavond, het avondgebed rond 18.00 uur (Maghrib) in de moskee is klaar, en dat betekent, dat het nu volgens de javaanse tijdrekening al vrijdag is. De dag begint hier niet na middernacht, maar na het avondgebed, Maghrib.
De Ramadan begint gewoonlijk met de Tarawih-gebeden in de moskee, na het avondgebed Maghrib. Vanwege corona was er dit jaar geen Tarawih, de moskee achter mijn huis was leeg. Het is erg stil in de desa. Er is ook geen traditionele optocht met fakkels. Er hangt vanavond een vreemde, wat onwezenlijke sfeer in de desa.
Het vasten tijdens Ramadan gaat gewoon door. Oude mensen, zieken, zwangere vrouwen en kinderen hoeven niet te vasten. Over het algemeen vast iedereen; toch zijn er mensen, die zo nu en dan overdag iets eten, maar dat gebeurt dan in stilte thuis.
Door de dreiging van corona vast ik niet; als oudere behoor ik tot een risico-groep en dat betekent, dat ik alleerst goed voor mijn gezondheid moet zorgen. Ik eet buiten het zicht van iedereen op mijn kamer.

24 Mei is het Lebaran, het Suikerfeest. Lebaran dit jaar zal heel anders verlopen dan gewoonlijk; het “mudik” oftewel “pulang kampung” is door de regering verboden vanwege het gevaar voor verspreiding van corona. Vorig jaar waren er plm 25 miljoen mensen onderweg op Java. Tijdens het Suikerfeest en de week daarna is het altijd buitengewoon druk; er moeten vele mensen worden bezocht. Dat zal er dit jaar dus niet bij zijn. Ik ben benieuwd hoe het gaat lopen tijdens het Suikerfeeest dit jaar.


 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat, Islam / Religie | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Geen “mudik”, maar Suikerfeest in huiselijke kring (21 april 2020)

1 mu

Zo zag mudik er vorig jaar uit

Vandaag heeft president Jokowi besloten, dat er dit jaar geen “mudik” zal zijn. Dit vanwege de dreiging van corona, temeer als miljoenen mensen onderweg zijn. De grote moslimorganisaties in Indonesie hadden eerder al opgeroepen om zoveel mogelijk thuis de gebeden te doen.
“Mudik” of “pulang kampung” is de jaarlijkse reis van vele miljoenen indonesiers naar hun geboorte-desa, om daar het einde van de vastenmaand Ramadan te vieren, het Suikerfeest (Lebaran), of Idu Fitri. Nog niet eerder is in Indonesie het mudik verboden.
Vorig jaar waren er op Java plm 25 miljoen mensen onderweg.

Het begin van de Ramadan is 24 april, het Suikerfeest is op 24 mei.

Het jaarlijkse Suikerfeest is voor de moslims in Indonesie (maar ook elders) een zeer grote gebeurtenis. Het Suikerfeest neemt ongeveer 2 weken in beslag. Het is zeer druk op de weg, want er moeten veel mensen worden bezocht. Het openbare leven zakt enigszins in.
Door de aanleg van vele 4-baans tolwegen op Java is vorig jaar het aantal slachtoffers in het verkeer enorm gedaald.

Mudik vorig jaar


 

Categorieën: Islam / Religie, Landelijk en politiek | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Spin (20 april 2020)

Vlakbij het raam van mijn kamer heeft een grote spin een groot web gemaakt. Er is mij verteld, dat deze spin niet gevaarlijk is. De naam van deze spin is mij niet bekend, de lengte is ongeveer 7/8 cm, het “lijfje” plm 2/3 cm.. Deze spin is niet echt schuw, ik kan dichtbij komen.


 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat | Tags: , | 4 reacties

Overbeladen (18 april 2020)

De foto hierboven van een te zwaar beladen vrachtwagen, heb ik vanochtend gemaakt. Dit soort overbeladen vrachtwagens kom je in het verkeer vaak tegen. Vaak vallen deze vrachtwagens in een bocht ook om. Ik heb een tijdje achter deze vrachtwagen gereden en hield mijn hart vast bij bochten; het scheelde niet veel.


 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat, Reizen en transport | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Een lock-down voor de desa onmogelijk (13 april 2020)

Een lock-down voor mijn (en andere) desa is onmogelijk.
Allereerst moet men naar de pasar kunnen om de dagelijkse boodschappen te doen. Daar zijn groenten, vlees, fruit en alles wat nodig is voor een eenvoudige desa-maaltijd.
Supermarkten zijn geen alternatief; de Indomarts en de Alfamarts verkopen geen groenten, fruit en vlees. Een aantal supermarkten in Jember-stad verkoopt wel groenten, vlees en fruit, maar dat is vele malen duurder dan op de pasar. En wil men naar Jember-stad, dan komen er nog de reiskosten bij. Men koopt elke dag in voor de maaltijden, hetzij op de pasar en bij een van de vele rijdende groenteboeren, die hun produkten ook betrekken van de pasar.

In de tweede plaats is het op dit moment oogst-tijd van de rijst; dat betekent veel mensen aan het werk en onderweg. Het is ondenkbaar om de rijst te laten wegrotten op de sawah’s vanwege een lock-down. Als men niet kan oogsten, vervalt ook het inkomen van heel veel desa-bewoners, met rampzalige toestanden tot gevolg. En na de oogst gaat de arbeid op de sawah’s gewoon door; de sawah’s moeten klaar gemaakt worden voor de volgende aanplant van rijst.
Het grootste deel van de indonesische bevolking is werkzaam in de landbouw en aanverwante sectoren. De regering van Indonesie is niet in staat om alle burgers een minimale uitkering te geven in geval van een lock-down.

In de derde plaats zijn indonesiers bij uitstek groepsmensen. Alleen zijn is een taboe, alles wordt met elkaar gedaan, zoals in een warung zitten, samen werken op de sawah’s, samen op bezoek, met z’n tienen op een 2-zits bank etc. Wil men een lock-down in de desa, dan zal er heel veel toezicht moeten zijn van vooral politie op de naleving van de lock-down; en dat is een volstrekt on-indonesische aanpak.

Het desa-bestuur treft wel maatregelen om het corona moeilijk te maken: er wordt gedesinfecteerd en de openingstijden van de pasar zijn beperkt. Veel meer is echter niet mogelijk.

De regering van Indonesie probeert zoveel mogelijk het verkeer van mensen te beperken; in Jakarta geldt wel een lock-down,, evenals in andere steden. Er wordt veel gedaan om de jaarlijkse “mudik” (naar de geboorte-desa gaan om daar het Suikerfeest te vieren) te beperken. Zo mogen ambtenaren, mensen van politie en leger niet met mudik gaan.
Ook provincie-besturen kunnen het menselijk verkeer drastisch beperken.

Het desinfecteren van mijn desa; tevens mooie beelden van mijn desa.


 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat, Over de sawah's / landbouw | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Het weer (8 april 2020)

Cuaca Bogor Hari Ini, Waspadai Hujan Lebat Disertai Petir | RADAR ...

Mijn laatste bericht over het weer was van 19 maart 2020. Ik meldde toen, dat het regenseizoen aangebroken leek te zijn.
Inderdaad heeft het sindsdien elke dag geregend, meestal fors. De ochtenden zijn doorgaans helder en rond het middaguur begint het te betrekken. In de avond is het meestal weer droog. De soms zeer forse tropische buien in de middag gaan bijna steeds gepaard met onweer. Regelmatig staan straten blank en loopt hier en daar het water de huizen in.
De avonden zijn aangenaam fris.
Zoals het weer nu is (begin april), had het in november al moeten zijn. We hebben vorig jaar een extreem lang droog seizoen gehad. Normaal begint het regenseizoen in september / oktober, maar dat is dus geworden midden maart 2020.
Ondertussen is het oogstseizoen van de rijst in volle gang. Omdat de rijst moet drogen, voordat het in zakken kan, is de regen eigenlijk niet welkom.

Merkwaardig is, dat we tot nog toe slechts een enkele keer stroomuitval hebben gehad. Tijdens de regenseizoenen van de afgelopen jaren gebeurde stroomuitval regelmatig; die stroom-uitvallen duurden gemiddeld 4 uur en waren meestal in de avonduren,  waardoor ik dus op mijn terras bij het licht van een kaarsje de tijd moest uitzitten. Daarom heb ik in december vorig jaar een stroom-generator gekocht, maar die heb ik tot nog bijna niet hoeven te gebruiken.


 

Categorieën: Het weer, aardbevingen, vulkaanuitbarstingen, ander natuurgeweld | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Nieuwe berichten over corona in Indonesie (8 april 2020)

Er zijn nieuwe berichten over corona in Indonesie: klik hier


 

Categorieën: Landelijk en politiek | Een reactie plaatsen

Oogsten van de rijst “Panen raya” – video`s (7 april 2020)

Op 1 km van mijn huis het bovenstaande tafereel

De rijstverbouw is een zeer belangrijke bron van inkomsten voor heel veel desa-bewoners. Is het geld eenmaal binnen, dan kunnen weer aanschaffingen worden gedaan, of schulden betaald.

De oogsttijd van de rijst wordt “Panen raya” genoemd.
Op kleine stukken sawah’s (meestal in mijn regio) wordt met de hand geoogst; voor grotere sawah’s zijn er rijdende machines.
Voordat de rijst wordt geoogst, worden de rijstplantjes in bosjes samengebonden. Alleen het bovenste deel, waar de rijst is, wordt geoogst. De van rijst ontdane bosjes blijven staan en worden later verbrand.
Bij het oogsten zijn ook de vrouwen actief. Zowel het planten van de rijst als het oogsten moet gelijktijdig worden gedaan; men kan niet elke dag een deel van de sawah oogsten of beplanten.
Zowel het planten van de rijst als het oogsten duurt maar een paar dagen.
Het dorsen van de rijst gebeurt ter plekke. De rijst wordt in grote zakken gedaan; deze zakken worden opgehaald door opkopers.
De werkers op de sawah’s zijn doorgaans goed “ingepakt”; lange broeken, lange mouwen en hoofddeksels; dit vanwege de zon maar ook vanwege insecten.

Aan het werk bij de dorsmachine


 

Categorieën: Dorpsleven, cultuur en Adat, Over de sawah's / landbouw | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Teruggave kris prins Diponegoro: Hoe een Javaanse dolk de worsteling van Nederland met zijn koloniaal verleden illustreert (3 april 2020)

Onderstaand artikel is van: Caroline Drieënhuizen, historicus, universitair docent en gespecialiseerd in de geschiedenis van (koloniaal) Indonesië.
https://carolinedrieenhuizen.wordpress.com/2020/03/24/hoe-een-javaanse-dolk-de-worsteling-van-nederland-met-zijn-koloniaal-verleden-illustreert/

———————————————–

Begin deze maand, op 4 maart 2020, verscheen een jubelend persbericht. Verschillende, bescheiden, krantenartikelen volgden: ‘Nederland geeft dolk van Javaanse verzetsheld terug aan Indonesië’ en: ‘Zoekgeraakte dolk Javaanse verzetsheld gevonden’. Het lijken neutrale, weinig politieke koppen, maar dat zijn ze niet. De krantenkoppen en inhoud van de artikelen over de Javaanse dolk, een kris, zijn decennialange ‘verdwijning’ en recente teruggave zijn illustratief voor de algehele moeizame, door politiek en nostalgie gedomineerde omgang van Nederland met zijn koloniaal verleden.

Roofbuit

Om te beginnen: het persbericht meldt het niet en de NOS werpt het als vraag op, maar de kris van één van de belangrijkste verzetshelden van Indonesië, pangeran Diponegoro (1785-1855), is ontegenzeggelijk roofbuit. En dat is niet enkel zo omdat alle voorwerpen die binnen een sociaal-politieke constellatie van ongelijke machtsverhoudingen, wat een kolonie was, verworven zijn per definitie altijd ‘verdacht’ zijn. In dit geval is het zelfs heel evident. Nadat Diponegoro in 1830 na een vijfjarige strijd tegen de Nederlandse kolonisatoren met een list gevangen genomen kon worden, werden zijn ‘pusaka’, zijn waardevolste erfstukken waaronder de kris, in beslag genomen door Nederlandse officieren en als trofeeën naar Koning Willem I gestuurd. Die bewaarde ze vervolgens in zijn Kabinet van Zeldzaamheden, dat uiteindelijk onderdeel zou worden van het huidige Leidse Museum Volkenkunde.

Diponegoro na zijn arrestatie en met een kris. Litho van C.C.A. Last uit 1835 naar de originele pentekening van A.J. Bik uit 1830.

451px-Diponegoro

Het verlies van een kolonie en restitutie

Er is meer in de Nederlandse omgang met de kris dat illustratief is voor de nog altijd durende worsteling met de betekenis van het koloniaal verleden, de erkenning van de onafhankelijkheid van Indonesië en de consequenties daarvan. Al vanaf de Ronde Tafel Conferentie in 1949 werd er gesproken over restitutie van Indonesisch cultureel erfgoed in Nederland. Voor de nieuwe Indonesische natiestaat was restitutie in twee opzichten van groot belang: niet alleen probeerde de staat met de restitutie van voor Indonesië belangrijke voorwerpen de eigen culturele identiteit vorm te geven, maar teruggave werd ook gezien als erkenning van het bestaan van, en daarmee legitimatie van, de nieuwe staat.

Met dat laatste heeft de Nederlandse politiek, zelfs vijfenzeventig jaar na dato, moeite: de pas recent aangeboden excuses van de Nederlandse koning aan Indonesië voor slechts het ‘excessieve’ (en dus niet ‘gewone’, structurele) geweld in enkel de periode 1945 en 1949 (en niet voor het kolonialisme en daarbij gepaard gaande geweld an sich) en het indirect, maar niet juridisch erkennen, van 1945 als datum van de Indonesische onafhankelijkheid laten zien hoe Nederland moeite blijft houden met het verlies van zijn grootste kolonie en de verwerking van dat verleden.

Museumdirecteuren die het koloniaal erfgoed beheerden, hebben altijd moeite gehad met de nieuwe postkoloniale werkelijkheid. Restitutie betekende en betekent voor hen vooral verlies. Verlies van publiekstrekkers als het prachtige beeld Prajnaparamita dat in 1976 terug ging, maar ook het verlies van hun zelfbeeld als wetenschappers die als goede voogden hadden gezorgd voor het erfgoed dat aan hen als kolonisator was toevertrouwd en dat zij, in hun optiek, hadden gered. Nu werden ze plots beschuldigd van ontvreemding.

‘Zoveel mogelijk ‘de boot afhouden”: Nederlands restitutiebeleid

De Nederlandse politiek en museumdirecteuren hebben, door die moeizame acceptie van de veranderende politieke en maatschappelijke verhoudingen met Indonesië, de teruggave van culturele voorwerpen als eigendom van de Nederlandse Staat dan ook lang ontmoedigd. Het was zelfs officieel beleid in de jaren zestig van de twintigste eeuw. ‘Zo veel mogelijk ‘de boot afhouden’’, schreef een ambtenaar in 1967 als advies. De noodzaak van teruggave werd binnen de politiek en de culturele sector niet breed gevoeld, ondanks dat in 1973 de Verenigde Naties de grote exodus van kunstvoorwerpen uit de koloniën naar het Westen tijdens de koloniale periode hadden veroordeeld en de voormalige koloniale machten wees op hun verantwoordelijkheid. ‘Veel is hier gekomen door oprechte schenking van inlanders aan buitenlanders’, schreef een medewerker van het Tropenmuseum als reactie op de VN-resolutie[1]. ‘Verhalen over roof zijn vaak sterk overdreven’.

Als restitutie wel gebeurde zoals in de jaren zeventig van de twintigste eeuw, werd het beschouwd en naar buiten gebracht als een daad van goede wil. In ambtelijke kringen raakte men dan ook geïrriteerd als Indonesische collega’s spraken over de ‘teruggave’ van voorwerpen. Nederlandse ambtenaren spraken consequent over ‘overdracht’. Het is een vertoog dat in de huidige nieuwsberichten over de kris wordt voortgezet: in het persbericht spreekt men buiten de citaten om over ‘overdracht’ in plaats van restitutie. Alle Nederlandse berichten benadrukken hoe Nederland ervoor zorgde dat de kris toch werd gevonden. De aanwezigheid van de trofee in Nederland als gegeven zelf wordt niet betwist en een gevoelde noodzaak het object als roofbuit te retourneren spreekt niet uit de berichten.

De wens voor restitutie van de kris van Diponegoro

De kris van Diponegoro maakte, ondanks verzoeken van Indonesische zijde, geen deel uit van de voorwerpen die in de jaren zeventig vanuit Nederland naar Indonesië zijn teruggekeerd. De dolk zou onvindbaar zijn in Leiden. Indonesië bleef er echter bij gelegenheid om vragen. Volgens mondelinge overlevering stelde in 1985 de Nederlandse ambassadeur in Jakarta, Frans van Dongen, de Leidse museumdirecteur Pieter Pott voor om het in het kader van het veertigjarige bestaan van Indonesië als mooi gebaar de kris terug te geven. Pott maakte de ambassadeur duidelijk dat restitutie onwenselijk was.[2] Of de museumdirecteur wist waar de kris was, is niet waarschijnlijk, maar dat hij niet genegen was die terug te sturen (en dus misschien te vinden?) was wel duidelijk. Pott was sowieso geen voorstander van teruggave: hij scheen zich vreselijk te hebben opgewonden toen hij hoorde dat een teruggegeven beroemd lontarmanuscript niet in een Indonesisch museum, maar thuis bij toenmalig president Soeharto lag en dat mevrouw Soeharto er als offer elke dag wierook voor brandde…[3]

Tot slot

Het is goed dat de kris van Diponegoro, na bijna 190 jaar ballingschap in een kil museumdepot, weer terug is op Java. De lange aanloop die de terugkeer echter had, de politieke opportuniteit van de restitutie (net op het moment dat de Nederlandse koning en koningin, met in hun gevolg het Nederlandse bedrijfsleven, hun opwachting maakten in Indonesië) en de huidige berichtgeving, tonen echter aan hoezeer Nederland worstelde, en nog steeds worstelt, met het koloniaal verleden en de consequenties daarvan. Het besef dat een deel van de uit Indonesië stammende collecties niet zo vanzelfsprekend thuishoren in Nederland en dat de voormalige kolonie een gelijkwaardige partnerstaat is met recht op zijn eigen erfgoed, lijken maar langzaam door te dringen.

Noten

[1] VN-resolutie 3187, 18 december 1973. http://www.unesco.org/culture/laws/pdf/UNGA_resolution3187.pdf (geraadpleegd 20 maart 2020).

[2] Jos van Beurden, Treasures in trusted hands. Negotiating the future of colonial cultural objects (Leiden 2017) 163.

[3] Caroline Drieënhuizen, ‘Mirrors of time and agents of action. Indonesia’s claimed cultural objects and decolonisation, 1947-1978’, BMGN – Low Countries Historical Review 133 (no. 2) (2018) 91-104, aldaar 102.


 

Categorieën: Nederlands koloniale verleden | Een reactie plaatsen

Blog op WordPress.com.